Het einde naakt!

Sinds de film ‘The Butterfly Effect” kent iedereen het vlindereffect. Het filosofische principe dat elke handeling, elke beweging, hoe miniem ook, het begin kan zijn van iets groots en zelfs katastrofaals. De vleugelslag van een vlinder kan door een keten van gebeurtenissen leiden tot een orkaan die een hele stad wegvaagt. Dit idee was al eens de basis van de filmtrilogie ‘Back to the Future’ waar een jongeman het heden verandert door in het verleden bepaalde aanpassingen te plegen.

En nu is deze basisgedachte in extremo en zelfs ad absurdum doorgetrokken in de filmpjes op de website “Le visiteur du futur”. Een op Marty McFly lijkende jongeman komt het beeld in geteleporteerd om mensen te waarschuwen iets vooral niet te doen, omdat dat wel eens zou kunnen leiden tot het einde van de wereld.

Een van de initiatiefschoppers van deze serie zeer amusante filmpjes is de French Nerd die ook een aardig blog bijhoudt. Ik moest meteen weer aan Dineke denken. Met name de ‘Visiteur du Futur is enorme bron van vermaak. Het plezier spat er van af. Prima materiaal voor leuke lessen over taal. In ieder geval voor het vervoegen van werkwoorden in de ‘futur’.

Blindproefmouw

Als je een wijnproeverij wilt organiseren en je vindt het leuk om de flessen onherkenbaar te maken zodat de wijnproevers onbevooroordeeld hun papillen kunnen volgen, dan kun je natuurlijk gaan zitten prutselen met kartonhoesjes, plakstickers en andere knutsgrepen. Hoeft niet, want nu is er de blindproefmouw of blindproefsok (al naar gelang je de Engelse of de Franse vertaling als uitgangspunt neemt). De flexibele blindproefhoes (mooier nog, qua vertaling) is reuze chique en nog in de machine te wassen ook. Ideetje van een Frans reclamebureau. Goed!!!

Lekker belangrijk

Ik weet eigenlijk niet meer of we deze al eerder hadden, is misschien ook helemaal niet erg.
De kracht van de boodschap zit in de herhaling toch? Vandaar dat ze in de meest irritante reclames hun boodschap eindeloos herhalen. Of heeft dat weer te maken met de inschatting van het publiek door de boodschapverspreiders?
Anyways, L’Essentiel: heel handig om je kennis van het Frans op peil te houden.
Ik gebruik hem regelmatig om leestoetsjes en dergelijke op te fleuren. Voordeel voor de kinderen (nooit ‘kids’ zeggen): het zijn echt actuele onderwerpen die ze, wanneer ze een beetje het nieuws bijhouden, al voorbij hebben zien komen op TV of in de Metro ( de ‘krant’, niet het OV). Daardoor begrijpen ze de inhoud eerder, raken ze minder snel geïrriteerd cq ontmoedigd en hopelijk, hopelijk blijft er af en toe een woordje hangen.
Nog een bijkomend voordeel: de kinderen hebben het inmiddels door en sommige slimmerds lezen dus regelmatig (via de link op de Electronische Leeromgeving).
En da’s heel fijn.

Parijs te kijk gezet

Het is zo makkelijk: je klimt op de Saint Sulpice, maakt een paar foto’s en zet ze online. Arnaud Frich en Martin Loyer deden dat. Ze maakten iets meer dan 2300 foto’s, plakten deze digitaal aan elkaar en zetten nu Parijs te kijk in zo’n 26 gigapixels. Geen idee hoeveel nullen er in een giga zitten, maar het zijn er vast een paar, want het resultaat is fantastisch: en panorama van 230° over de mooiste monumenten en stadsdelen van Parijs. In het echie zou het een foto van 2000 vierkante meter opleveren, maar ik denk dat het mooi genoeg is om het vanachter de computer te bekijken: welkom in Parijs.

3,14: PI!

Ik ben allesbehalve een wiskundemeisje.
Maar pi heeft me altijd geïntrigeerd. En daarin ben ik niet alleen!
Nou gebiedt de eerlijkheid mij wel te zeggen dat ik er niet van wakker lig /word, zo’n 14e maart, omdat vandaag dus de 3 begincijfers van het eindeloze getal pi vormen.

Mocht je meer willen lezen dan kan dat op pi314.net en op trucsmaths

Onder de grote pi heb ik nombrepi verstopt.

Iets muziekerigs om iedereen op te vrolijken

We have a live one here! Een originele mafketel uit Frankrijk. Multi-artiest die in zijn eentje filmpjes en muziek maakt waar je mond van open valt. Onder het plaatje boven ziet een ‘loop-muziekje’ waarbij hij een iphone-app gebruikt om zichzelf op te nemen en steeds over de oude tracks heen te zingen tot er wel een hele band lijkt te staan. Lijkt makkelijker dan het is, want vraagt veel coördinatie met het harder en zachter zetten van de juiste tracks (met zijn vingers op het touch-screen) en dan ook nog gewoon blijven zingen. Bravo.

De goede man blijkt ook een hele site te hebben waar hij dezelfde truuk uithaalt met video en het gratis bij elke Mac verstrekte programma ‘Garageband’. Hier een ingang naar de site Les Clips de Ed:

En natuurlijk heeft hij ook een heel eigen Youtube-kanaal.

Zo kwam ik verzeild in de wondere wereld van de (heb je ff?) multitrack-video. Niet te geloven wat een talent er rond loopt. Dus Dineke, als je ooit weer een leuke gadget zoekt voor een klasseproject… weer eens wat anders dan lipsynch!

Inspiratie: Videovolt!

Designophilie

Het tromgeroffel van het Ministerie van Cultuur is al weer enkele maanden oud, maar de ambtenaren daar waren vergeten zich even te informeren bij de uitvoerders, en dus duurde het nog een twee maanden voordat het tromgeroffel ook werkelijk ergens over ging: het PortailDesign; nu eindelijk online.
Les Arts Décoratifs, het Centre de création industrielle van het Centre Pompidou, het Centre national des arts plastiques en het Musée d’Art Moderne van Saint-Etienne hebben de krachten gebundeld om hun designcollecties virtueel ter beschikking te stellen aan de designminnende meute. Een prachtig initiatief dat veel kijkplezier op kan leveren. Misschien ook wat ergernis, want de navigatievriendelijkheid laat hier en daar wat te wensen over. Maar wie kniest daarover als je al het moois dat ontwerpers in de twintigste en eenentwintigste eeuw op de wereld hebben gezet zomaar vanuit de luie stoel thuis kan bewonderen op een beeldscherm. Van de grootste namen – Le Corbusier, Charles and Ray Eames, Philippe Starck – tot de kleinste – teveel om op te noemen: het is nu allemaal te bewonderen op PortailDesign. En al bestaan de collecties voornamelijk uit spulletjes uit de vorige en deze eeuw, het begint al met een paar brilletjes uit 1800. Komt dat zien, dus.

Kom in je duster!

Mijn moeder had 40 jaar geleden al een duster. En van die krulspelden met stekeltjes, met daaromheen weer een hoofddoekje van doorzichtig bijna gewichtloos spul – chiffon? -, dat je bijna kon laten zweven. Ze ging er niet mee naar buiten, zoals sommige buurvrouwen die er zelfs mee naar Tante Truus (de buurtwinkel) togen, maar de duster was toch een redelijk geaccepteerd onderdeel van het landschap. Als het aan Renault ligt, maakt de duster binnenkort haar rentree in Nederland. Nu echter niet in de vorm van peignoir, maar als auto.

De Dacia Duster doet erg zijn best om stoer te klinken en heeft daartoe de naam van een oude Plymouth Muscle Car gestolen. Tom Waits zingt erover in ‘Diamonds on my windshield’… “Duster trying to change my tune”. De goedkope autootjes van Dacia doen het fantastisch in Europa. Logisch ook, want in het ‘low cost’-segment kun je voor weinig een best stoer karretje scoren. Waarom zou je het dubbele betalen voor een ander logo op de kont?

De Dacia’s worden geproduceerd in Roemenië, waar het uurloon 7 keer lager ligt dan in Frankrijk. Dat scheelt. Verder hergebruikt de nieuwe 4×4 van Dacia voor 70% onderdelen uit andere Renaults. Die waren toch al bedacht en worden op grote schaal geproduceerd, dus waarom niet.

Die Duster toch. Vast prima auto’s. Maar één dingetje blijft mij storen. Die naam. Als ik duster denk, denk ik peignoir. En bij peignoir denk ik meteen aan Aznavour: “Et ton vieux peignoir mal fermé. Et tes bigoudis! Quelle allure!” En zo zijn we weer terug bij mijn bekrulspelde moeder in het ouderlijk huis in Hilversum. Zij zat te naaien in haar duster en ik zat bij het raam, en droomde van een Opel Manta.