Een Hollandais en France – de berekeningen zijn gunstig

In 1999 woonden wij in een vrijstaande woning in een keurig nette buurt in Huizen, het Gooi. Een huis uit de jaren ‘50, bescheiden qua formaat en niet erg solide gebouwd. Maar goed gelegen, vlak bij het bos en buiten de spits slechts 20 minuten rijden van Amsterdam. Toen we het kochten in 1994 was het eigenlijk íets te duur voor ons. Zo rond de zes ton. Maar in de vijf jaar daarna bleek het helemaal vanzelf bijna twee keer zo veel waard geworden: de makelaar taxeerde het op ruim één miljoen guldentjes. Dat is veel geld, waar je echter niks aan hebt zo lang je er in woont. En dat terwijl we voor een tiende van dat bedrag al een minstens zo groot en comfortabel huis konden kopen in vakantieparadijs Frankrijk!

De rekensom was gauw gemaakt. Met de verkoop van ons huis in Huizen konden we de hypotheek aflossen en zomaar vijfhonderduizend gulden netto in de zak steken. Een half miljoen! Met dat bedrag zouden we in Frankrijk iets bijzonder aardigs kunnen uitzoeken, dat cash kopen en nog geld overhouden ook! Bijkomende motivatie was ons buurtje waarin we ons nooit echt thuis hadden gevoeld. Lieve mensen, daar niet van, maar wel wat aan de kakkineuze kant. Dus erg veel hadden we niet te verliezen met een verhuizing, zelfs niet als die zou uitlopen op een regelrechte emigratie.

Toch bleef het een hele stap. We hadden natuurlijk onze familie en vrienden in Nederland. Hiromi had de kunstopleiding aan de Wackers Academie afgerond en ging met haar schildervrienden regelmatig even een rondje langs de galeries in Amsterdam. Zelf was ik voorzitter van de volleybalclub en had ik mijn vrienden en ouders vlak in de buurt. Ik werkte als freelance tekstschrijver voor een stuk of vijftien klanten, vooral reclamebureaus in en rond Amsterdam. Zouden die wel accepteren als hun vaste copywriter ineens 800 kilometer verderop ging wonen? Bovendien… Guido en Colette waren inmiddels 5 en 3 jaar oud. Zouden die wel kunnen aarden in Frankrijk? Nieuwe school, nieuwe vriendjes, nieuwe taal… Konden we het onze kinderen wel aandoen?

Aan de andere kant: het leek wél erg spannend. Volg je hart! Doe eens gek! Typisch weer iets voor ons, zo creatief en avontuurlijk! Enfin, zo rationaliseerden we ons tot emotioneel gedreven mensen, geboren bohémiens met een onbedwingbare drang om de eigen grenzen te verleggen. Flauwekul, achteraf bezien, maar indertijd klonk het allemaal heel plausibel.

We hebben in ieder geval nooit nuchtere lijstjes gemaakt met voor- en nadelen. Ook hebben we er geen avondenlange discussies over gevoerd met elkaar, onze vrienden of familieleden. Zelfs mijn klanten heb ik nooit naar hun mening gevraagd. We hebben iedereen gewoon medegedeeld dat we gingen emigreren. Al heb ik er wel steeds bijgezegd: “Als het niet lukt, komen we gewoon terug. Maar dan hebben we het in ieder geval geprobeerd!”
Terugkijkend denk ik dat we eigenlijk al voor 90% verkocht waren vanaf dat allereerste “Als we nou ‘s…” tijdens ons bezoek bij vrienden in Frangy-en-Bresse. We zijn diezelfde vakantie al serieus begonnen met zoeken naar een leuk huis. En wie ons in de maanden die volgden vroeg: “Waarom?” antwoordden we met een stellig en rebels: “Waarom niet?”
Want het was al lang besloten. Wij gingen naar Frankrijk.

Luister voor actuele informatie over ons leven ook de Podcast ‘Pourquoi Pas !

Reacties zijn gesloten.