Poésie que j’aime

Eigenlijk heb ik het niet zo op poesie…ik weet niet wat het is.. een soort van langzaam ingesleten aversie. Omdat wij op de middelbare school poesie moesten lezen, dit moesten interpreteren, maar dat altijd verkeerd deden. Volgens de leraar. En dat stak me. Want poesie is heel persoonlijk. En heel divers. Al dat gedoe over cesuur en enjambement enzo, dat vond ik allemaal niks. Wel knap, daar niet van, maar het deed me gewoon niet veel. Bovendien: wie zegt dat poesie moet rijmen? Sinterklaas? Rijmelarijtjes van het soort 13-in-een-dozijn is goed voor een tegel, maar hoort mijns inziens niet in een bundel.

Ik zocht voor mijn vwo- eindexamenklasje nog een literair onderwerp. Vorig jaar heb ik ze een praktische opdracht laten maken rond de Exercises de Style van Raymond Quenau. Ze hebben dat heel leuk gedaan. Ze hebben o.a. nieuwe stijloefeningen gemaakt (uitgaande van een nieuwe basistekst) en bleken er zelf ook veel lol in te hebben. En dat is voor mij toch wel belangrijk, ze moeten het leuk vinden. Hoe kun je nu met tegenzin een boek gaan lezen, laat staan gedichten! Want dit jaar wordt het, jawel: poésie! (En wel over 1 poeet, het moet voor mij ook leuk blijven…..) Kunst is ze weer net zo warm te maken voor dit onderwerp als voor het onderwerp van vorig jaar.
Dat wordt nog even broeden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *