
Deze week staat in het teken van La Bresse, lijkt het wel. Dat arme groene gat van Frankrijk, waar boertjes er al eeuwenlang ternauwernood in slagen een leven uit de vette klei te schrapen. La Bresse van de rood-wit-blauwe kippen, van de maisvelden en van de bedaagd golvende weidelandschappen, met helaas steeds minder heggen maar nog evenveel riviertjes die het hele jaar rustig kabbelend doen of er niks aan de hand is, om dan ineens op te springen om het landleven totaal te ontwrichten.
Ik zeg altijd: het is hier een soort verkreukeld Friesland. Echt boerenland. Waar je nog van die oudjes ziet die – door de moestuin geknakt – in een permanente hoek van 90 graden gebogen over de markt scharrelen.
Gisteren sprak ik het vrouwtje dat woont in het huis waar de schoolkinderen ’s morgens schuilen als ze op de bus wachten. Ik vroeg haar of ze zondag nog naar de vlooienmarkt was geweest. Nee, dat was haar te ver weg. Toch al gauw 1200 meter.
Een dezer dagen sleep ik haar mee naar de glorieuze markt van
Louhans! Lees vooral het verhaal onder het kopje
humeur, over de verschillende manieren waarop boeren en stadsmensen tegen kleinvee aan kijken. Goed geschreven, met passie voor het landleven. Ik word nog eens trots dat ik hier woon!